Fazant met Zilveruitjes, Appel en Brandewijn

De fazant is hier waarschijnlijk ingevoerd door de Romeinen. Topmaanden voor dit soort gevogelte zijn oktober, november en december.

Ingrediënten:

3 Jonagold appelen
2 sjalotten
2 fazanten
boter
10 jeneverbessen
24 zilveruitjes (verse!)
12 kleine aardappelen
2 eetlepels room
2 eetlepels heidelikeur
2 eetlepels brandewijn
1 bosje waterkers
1 eetlepel gehakte bieslook
peper en zout

Bereiding:

  1. Schil de appelen en snij ze elk in 8 partjes. Pel de sjalotten, steek 1 sjalot en 2 appelpartjes in elke fazant en kruid deze van binnen en van buiten met peper en zout.
  2. Braad de fazanten in boter aan alle zijden bruin en voeg de jeneverbessen en de zilveruitjes toe.
  3. Kook de aardappelen in de pel gaar in gezouten water. Snij de uiteinden recht, plaats ze rechtop op een ovenplaat en hol de bovenkant uit. Vul ze met de room en hou ze daarna warm in de oven.
  4. Ontvet de fazanten, flambeer ze met de heidelikeur, blus met een geutje water, voeg de brandewijn toe en laat ongeveer 1 u.15 minuten verder stoven.
  5. Bak de rest van de appelpartjes bruin in een nootje boter.
  6. Haal de borstfilets van de fazanten en versnij ze in plakjes. Spoel de waterkers en droog ze.
  7. Schik op een warm bord 3 aardappeltjes en bestrooi deze met bieslook. Leg er een bosje waterkers naast en 5 gebakken appelpartjes. Schik de fazantenborst in waaiervorm en schep de braadjus met de uitjes in het midden.
  8. Drink er een Côte du Rhône bij.
Fazant met Zilveruitjes, Appel en Brandewijn
Beoordeling

Geef een reactie

1 × een =